Maakt volwassen hippocampus toch geen nieuwe cellen aan?

Verbindingen in muizenhersens

Een ruimtelijk beeld van de (hoofd)verbindingen in muizenhersens

Ik heb ooit op school geleerd dat je je hele leven moest doen met de hersencellen die je bij je geboorte had. Later werd bekend dat in bepaalde delen van de hersenen die te maken hebben met geheugen en leren, met name de hippocampus, zich steeds weer nieuwe hersencellen vormen, ook in je volwassen leven. Daar schijnt nu weer erg aan getwijfeld te moeten worden.
Al in de jaren 60 kwam Joseph Altman tot de conclusie dat het oude idee dat hersens na de geboorte geen nieuwe cellen meer aanmaken overboord kon worden gezet.  Hij vond dat in een bepaald gedeelte van de hippocampus, de getande winding ofwel gyrus dentatus, wel degelijk nieuwe hersencellen werden aangemaakt.
Dat idee werd niet meteen omarmd, maar met de ontwikkeling van nieuwe technieken om hersencellen in beeld te brengen werd dat idee zo in de jaren 90 gemeengoed. Hoewel de functie en reikwijdte van die zogeheten neurogenese niet geheel duidelijk was, werd aangenomen dat die bij zoogdieren werkelijkheid was en dus ook bij mensen, ook al bleven de wetenschappelijke twijfel knagen.
Shawn Sorell van de universiteit van Californiẽ en haar medeonderzoekers hebben dit thema weer eens bij de kop gevat. Ze gebruikten voor die speurtocht klassieke immunohistochemische technieken, waarbij gekeken wordt naar antilichamen die aan bepaalde eiwitten binden, waarmee ze hun positie in het weefsel ‘verraden’. Aan de hand daarvan telden ze de voorlopercellen, delende cellen en onrijpe neuronen in monsters van hersenweefsels van 59 (naar ik aanneem overleden) mensen, van embryo’s tot bejaarden.
Ze vonden alle drie typen cellen in een menselijke vrucht waarbij die zich uit de zogeheten kiemcellenlaag verplaatsen naar de zich ontwikkelende getande winding als de vrucht 14 weken oud is. Bij 22 weken werd de verplaatsing minder en de onrijpe neuronen bepaalden zich tot de gyrus dentatus zelf.
Op eenjarige leeftijd waren er veel minder onrijpe hersencellen dan in eerdere stadia. De hoogste leeftijd waarbij onrijpe hersencellen werden aangetroffen was 13 jaar. Dat ondermijnt de huidige opvattingen over neurogenes.

Kanttekeningen

Je kunt bij het onderzoek van Sorrell wel kanttekeningen zetten. Zo zijn de eiwitten DCX en PSA-NCAM kenmerkend voor onrijpe hersencellen bij dieren, maar bij mensen komen die eiwitten ook voor in rijpe cellen en in gliacellen (wel hersencellen maar geen neuronen). De onderzoekers tonen aan dat alleen als beide eiwitten in cellen voorkomen ze wijzen op onrijpe neuronen. Ook lijken de gebruikte methodes het eiwit BrdU aan te tonen in weefsels die dat eiwit niet bevatten. Dat kan tot foute conclusies leiden.
Er lagen meer beren op hun pad. Uit dieronderzoek blijkt dat PSA-NCAM veranderd wordt door ervaringen en dat DCX ontleedt als het weefsel niet snel wordt geconserveerd. Een ogenschijnlijk verlies aan celvormend vermogen zou dan wel eens een verandering in eiwitexpressie kunnen zijn, zeker als je strenge eisen stelt aan de kenmerken van je nieuwe neuronen. Wat dat betreft zijn er ook discussies over wat een voorlopercel is bij knaagdieren. Misschien weten we niet waar we naar moeten kijken bij mensen.

Sorrell en haar medeonderzoekers waren zich bewust van die problemen en ze hebben op verschillende manieren getracht die te overwinnen. Ze zagen wel degelijk dat er nieuwe hersencellen waren ontstaan bij kinderen. Ze hadden verschillende monsters van volwassen hersens om er zeker van te zijn dat wat ze zagen niet was veroorzaakt door zieke of slecht geconserveerde hersens. Ze gebruikten ook verschillende kenmerken van nieuwe celvorming, waarmee hun bewijsvoering sterker zou komen te staan. Toch zal dit niet het laatste onderzoek naar deze kwestie zijn.

Jaren

Steunend op onderzoek bij apen zouden menselijke hersencellen er wel eens jaren zo niet decennia over kunnen doen om te rijpen. Bij knaagdieren zit de plasticiteit/aanpassingsvermogen van de hersens dan in nieuwe hersencellen terwijl die bij apen en mensen dan zou zitten in de lange rijptijd. Ik zou zeggen dat ook de onderlinge verbindingen tussen hersencellen een vorm van plasticiteit is.

Ook bij middelbare knaagdieren is de neurogenese niet erg indrukwekkend. Daar zijn de onderzoeksresultaten van Sorrell niet mee in strijd. Het lijkt er in ieder geval op dat hierover het laatste woord nog niet is gezegd· Wordt vervolgd (dus).

Bron: Nature

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.