Slijmspoor wijst (misschien) de efficiëntste weg

Slijmspoor in Tokio

Een vergelijking tussen het slijmspoor en het echte metronet van Tokio

Het spoor van een slijmachtig micro-organisme (Physarum polycepha-lum) wijst de efficiëntste verbinding tussen diverse punten (steden, dorpen, winkels enz.). Daar is Andrew Adamatzky van de universiteit van West-Engeland van overtuigd. In 2010 werd het metronetwerk van Tokio met behulp van de voedselzoekende organismen gemodelleerd. Het slijmmodel bleek vrij goed overeen te komen met het feitelijke Tokiose metronet. Adamatzky en mede-onderzoekers hebben het wegennet van 14 landen vergeleken met het slijmspoor. Het bleek dat de wegen in Canada, België goed overeenkomen met zoekpaden van de micro-organismen. Die in de VS en Afrika waren het inefficiëntst volgens het slijmmodel.

P polycephalum is een eencellig organisme dat, op zoek naar voedsel, steeds verder uitdijt. Als het organisme dat eenmaal heeft gevonden, sterven de vele vertakkingen af, die het kreeg op zoek naar voedsel en die niks vonden. Het spoor van het micro-organisme zou dan de doelmatigste route tussen verschillende punten zijn (in het geval van P polycephalum zijn dat havervlokken). Maak een kaart met de havervlokken als steden, of plaatsen met grote bevolkingsdichtheden of winkelgebieden of wat dan ook, zo is de redenering, en je krijgt via de beestjes de snelste route tussen de diverse punten. Wegen tekenen met slijmsporen is handzaam omdat er weinig hersenwerk aan te pas komt. De kaart is ook nog vrij snel getekend . De organismen groeien zo’n 1 cm per uur, dus in een paar dagen is de ‘wegenkaart’ wel klaar. Je kunt met dat model ook verschillende situaties simuleren, zoals overstromingen of aanrijdingen. Daar kan je op de ‘kaart’ zout strooien. De beestjes houden daar niet van en maken dan een omweg.
Geografische hindernissen als bergen en rivieren zijn nog niet meegenomen, evenmin als sociale of politieke factoren, schrijft de Britse krant the Guardian, maar de beestjes laten een chemisch spoor na op de uitgeprobeerde, maar onsuccesvolle routes. Daar zou iets mee gedaan kunnen worden om die fysieke barrières voor de microbiële wegenontwerpers/-bouwers na te bootsen. Door te spelen met de omstandigheden, zoals temperatuur of vochtigheid, zouden ook periodieke verschijnselen als spitsuur zijn na te bootsen. Dat is natuurlijk allemaal leuk en aardig, maar de vraag is natuurlijk of er een verantwoordelijke voor de wegenbouw is die het aandurft een weg te plannen op basis van een lijmspoor. Ik schat die kans gering.

Bron: the Guardian

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.