Zenuwcellen herstellen weer in centrale stelsel van muisjes

Perifere zenuwstelsel

Het perifere (geel) en het centrale zenuwstelsel (rood)

Beschadigde zenuwcellen in het centrale zenuwstelsel herstellen nauwelijks als ze zijn beschadigd. Er wordt al jaren naar oplossingen voor dat probleem gezocht, maar tot nog toe is dé oplossing niet gevonden. Nu hebben onderzoeksters geconstateerd dat het middel finofibrate er bij muisjes voor heeft gezorgd dat beschadigde zenuwcellen in het centrale zenuwstelsel wel herstellen. Het middel is in de VS toegelaten.
“Als mensen denken aan beschadiging van het ruggenmerg dan denken ze aan verlamming”, zegt Valeria Cavalli van de universiteit van Washington, “maar die brengt ook veel problemen met verwerking van zintuiglijke prikkels en met pijn. Als je die zaken verbeterd kan dat veel voor de patiënten betekenen. Onze gegevens laten zien dat fenofibrate de mogelijkheid heeft de ondersteunende cellen te activeren en het herstel bevorderen. Dat betekent dat we dit toegelaten middel kunnen gebruiken om de zintuigfuncties na beschadiging van de zenuwcellen te herstellen.”

Zenuwcellen in het perifere zenuwstelsel (de rest buiten hersens en ruggenmerg) herstellen wel. Om erachter te komen waardoor dat komt keken de onderzoeksters naar cellen die zowel in het perifere als in het centrale zenuwstelsel voorkomen: de sensorische neuronen van de dorsale wortelganglion. Die cellen bundelen zich tot een ganglion (zenuwknoop) net buiten het ruggenmerg. Die houden contact met andere cellen via lange uitlopers (axonen) en vormen zo verbinding tussen perifere en centrale zenuwstelsel.
Ondanks dat die uitlopers onderdeel uitmaken van dezelfde cel reageren de perifere en centrale axonen niet op dezelfde manier. De perifere delen herstellen veel sneller en beter dan de centrale. Cavalli en de haren dachten dat dit komt door de verschillen in de reacties van omliggende steuncellen.

Genexpressie

Om daar achter te komen onderzochten de onderzoeksters de genexpressie van vijf verschillende steuncellen in de zenuwknoop na verwonding in het centrale en/of perifere zenuwstelsel van zintuigneuronen. Het bleek dat de genexpressie (welk gen is actief en welk niet) in de steuncellen afhankelijk was van welk deel van het neuron was beschadigd. In de steuncellen (gliacellen) werd een serie genen geactiveerd die in relatie staan met de zogeheten PPAR-alfa-route, maar alleen maar na beschadiging van het perifere deel. Die route speelt een rol in de vetstofwisseling. Dat gebeurde niet bij schade in het centrale zenuwstelsel.
Dat gaf de onderzoeksters het idee dat de PPAR-alfa-route het herstel zou bevorderen. Nu activeert fenofibrate die route. Dus gaven de onderzoeksters de proefmuisjes dat middel twee weken lang voordat ze schade aan axonen aanbrachten die naar het centrale zenuwstelsel voerden. Drie dagen na de beschadiging waren die axonen twee keer sneller aangegroeid dan bij muisjes die dat middel niet hadden gekregen.

Cavalli: “Het lijkt er op dat finofibrate het herstel kan bevorderen en mogelijk iets kan doen aan symptomen als pijn. Het geeft ons een extra middel voor behandeling. We hebben niet het probleem opgelost van beschadiging van het ruggenmerg, maar daar zijn wel een stap dichterbij gekomen.” De onderzoeksters willen in nieuwe experimenten nu fenofibrate combineren met andere behandelwijzen. Ik vind het wel vreemd dat dat middel voor de beschadiging werd toegediend. Dat lijkt me niet echt praktisch.

Bron: Science Daily

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.