Een beter geheugen met elektronica?

Met hersenimplantaat en ruggenmergimplantaat kan aap met dwarslaesie weer lopen

Het hersenimplantaat op een siliconenmodel van apenhersens. Bij dit onderzoek ging het over het ‘omzeilen’ van een dwarslaesie (afb: EPFL)

Hoe lang zal het nog duren vooraleer er digitale hulpmiddelen bij of in onze hersens worden geplaatst om ons wat slimmer te maken en ons geheugen op te vijzelen? Google was al bezig om mensen met zijn bril direct maar meteen een hele databank mee te leveren, zodat we nooit meer om antwoorden verlegen hoefden te zitten. Aan de universiteit van zuidelijk Californië houdt biomedisch ingenieur Theodore Berger zich met een ‘geheugenprothese’ bezig. De prothese zou in de hersens worden geïmplanteerd en zou de functie hebben die normaal gesproken door de hippocampus wordt uitgeoefend (het korte geheugen). Het implantaat zou bij ratten en apen de geheugenvorming (moeten) verbeteren. Hij werkt nu aan een apparaatje dat bij mensen moet werken. Lees verder

Schrijfrobot doet mee aan literaire prijs

SchrijfrobotIk zal de laatste zijn die de voortbrengselen van wat we kunstmatige intelligentie noemen de hemel in prijst. Winnen met schaken of go, dat kunnen computers nog wel, maar dat is gewoon een kwestie van snel rekenen. Ik moet mijn mening toch ietwat bijstellen. In Japan deed een ‘intelligente’ schrijfrobot als co-schrijver mee aan een literaire prijs mee en volgens ‘brein’ Hitoshi Matsubara van de universiteit van Hakodate zouden een of meer van zijn/haar korte verhalen door de eerste beoordelingsronde van de jury zijn gekomen, die niets van de herkomst wist. Overigens, en dat maakt het verhaal een stuk zwakker,  werd het grootste deel (80%) van het schrijfwerk door mensen gedaan. Lees verder

Creativiteit vrouwen lijdt onder wedwijver

Markus Baer

Markus Baer

Het schijnt dat groepjes vrouwen creatiever zijn dan groepjes mannen. Een vrouw er bij en de creativiteit en samenwerking in een groep gaan er op vooruit. Ook dat schijnt uitgezocht te zijn. Nu lijkt uit onderzoek van Markus Baer en medewerkers van de Washingtonuniversiteit in Saint Louis (VS) uit te wijzen dat dat alleen maar waar is zo lang die groepen niet met elkaar concurreren. Als dat wel het geval is dan zouden mannengroepen de overhand hebben.  Lees verder

Orde en chaos hebben allebei hun voordelen

slordig bureau
 Een rommelige bureau is slecht voor routineklussen, maar goed voor de creativiteit (Thinkstock)

Een schoon bureau werkt beter, zegt de een. Nee, ik heb chaos nodig, zegt een ander. Allebei blijken ze een beetje gelijk te hebben als je de uitkomsten van Amerikaans onderzoek mag geloven. Het gaat er om wat je doet. De geest beïnvloedt de omgeving, maar kennelijk de omgeving ook de geest. Iemand die door chaos omgeven is handelt anders dan iemand die in een opgeruimde omgeving functioneert. Je hoeft alleen maar aan de ‘weggooibereidheid’ te denken die mensen in een vervuilde omgeving vertonen, terwijl diezelfde mensen in een keurige onderhouden omgeving op zoek gaan naar een afvalbak. Het schijt het lekkerst op een hoop stront, noemde een oude college van me dat ooit (het was een Amsterdammer). De gedachte is dan: orde is goed en laat mensen mooie dingen doen, terwijl wanorde staat voor agressiviteit, vooroordelen en andere slechte dingen.
Als goed wetenschapper vraag je je dan natuurlijk af of dat wel klopt.  Kathleen Vohs van de universiteit van Minnesota is dat met collega’s gaan uitzoeken. Waarom zouden niet beide hun voordelen kunnen hebben? Ze beproefden hun ideeën aan de hand van drie tests. In de eerste test moesten 34 Nederlandse studenten, met slordige of opgeruimde bureaus, een vragenlijst invullen. Ze kregen te horen dat de de universiteit een goed doel ondersteunde: of ze daar iets voor over hadden, wellicht. Daarna liepen ze langs twee manden met versnaperingen: appels en chocoladerepen. 82% van de ‘ordelijke’ studenten gaf geld, 47% van de ‘wanordelijke’. Gemiddeld gaven de ‘ordelijken’ twee keer zo veel. Tweederde van de ‘ordelijken’ koos voor de appel en maar eenvijfde van de ‘chaoten’. Daar haalden de onderzoekers dan uit dat ordelijkheid dingen naar boven haalt die met traditie en conventie te maken hebben zoals grootmoedigheid, onbaatzuchtigheid en een gezonde levensstijl.
1 – 0 voor de orde dus, maar Vohs hield daar niet op. Bij de tweede test ging het om creativiteit, iets dat gewoonlijk geassocieerd wordt met wanorde, ‘bandeloosheid’ en verder kijken dan je neus lang is. Bij deze test moesten 48 Amerikaanse studenten een bedrijf helpen nieuwe toepassingen en markten te bedenken voor tafeltennisballetjes. Een onafhankelijke groep (niet de onderzoekers zelf, dus) beoordeelde de creativiteit en gaf daar punten voor: een (maximale) 3 voor heel creatieve ideeën. Het kondigde zich al aan: de 24 ‘chaoten’ scoorden hoger dan de ‘ordelijken’ en scoorden vaker 3-en. Kennelijk heeft wanorde een positieve invloed op de scheppingskracht van iemand.
In een derde test keken de onderzoekers of de paren ordelijk=conservatief tegenover wanorde=innovatief ook geldt als het om min of meer neutrale eigenschappen gaat. Ook dat bleek zo te zijn, zodat Vohs en de haren tot de conclusie kwamen dat chaos niet zonder meer slecht en orde niet zonder meer goed is. Creatieve mensen, zoals ook Nobelprijswinnaars, zouden een voorkeur hebben voor chaos. Een van hen zou Einstein zijn, die nooit te beroerd was voor een bon mot: “Als een slordig bureau een aanwijzing is voor een slordige geest, waar duidt een leeg bureau dan op?”

Bron: bdw